Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

gewonen oorlog; maar een gerichtsvoltrekking. Geheel in aansluiting aan hetgeen gesproken is door den Propheet Xgobadjahoe '), wiens boek tegen Edom Gij zeker wel zult gelezen hebben. Gij ziet wel, Judas eere is ten deze onbesmet. Zelfs Koning Amatsjah (al beweren de streng Godsdienstige lieden van hem, dat zijn Godsdienst niet erg diep 2) zat), heeft de wetgeving in zake overwonnen vijanden niet uit het oog verloren. (iij kunt even weinig tegen Amatsjah's handelen ten deze bedenking maken als tegen Samuëls en Sauls wraak over de Xgamalekiten 3), die opzettelijk door God bevolen was als rechtmatige straf, of over Davids gevoelige tuchtiging van zijn ontrouwe Moabitische 4) bloedverwanten. Wreedheid tegenover overwonnen volkeren is bij de volken rondom ons gewoon. Ik heb éénmaal iets te zien gekregen van de wijze, waarop de vreeselijke Assyriërs hun vijanden behandelen. Neuzen en ooren afsnijden en andere dergelijke dingen zijn heel gewoon, niet waar ? Maar oogen uitsteken, en menschen op palen spietsen .... neen, dat was mij al te erg!"

„Maar wat heeft Menacheem dan laten doen," 5) herneemt Bildad, „ dat was dan toch waarlijk niet op Gods bevel! Er ging een kreet van verontwaardiging op door geheel Juda over zoo schandelijke wreedheden. En dan nog wel aan Kinderen Israëls door een Koning van Israël. Hoelang zou het geleden zijn? Het kan nog maar enkele jaren wezen; maar al ware 't langer geleden, mij zou het niet uit het geheugen gaan!

„ Toch is het onjuist, om dit als overtreding van Jehova s

1) Obadja : 8—18.

2) 2 Kronieken 25 : 2.

3) 1 Samuel 15.

4) 2 Samuel 8 : 2.

5) 2 Koningen 15 ' 16.

Sluiten