Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Alleen de trosknechten en de bewakers van het kamp zijn achtergebleven.

Hoor eens het krijgsgeschrei zich verheffen!

Maar het schijnt maar van één volk te wezen: ik hoor geen Ammonitisch tegengeroep. Ook bevreemdt mij de kalme onverschilligheid der bewakers van het leger. Haastig maar naar de omwalling aan den anderen kant dan die van onze aankomst!

Een schoon en schitterend schouwspel voorwaar! Wel is het geen ernstig gemeend gevecht. Het is slechts een wapenoefening 1) en de hoofdman over duizend hier naast mij is zoo vriendelijk, mij in te lichten, dat hoofddoel is, om een aantal nieuw aangekomen strijders (ook die welke ons vergezeld hebben — zie daar komen ze juist het kamp uit onder geleide van den overste, die hen en ons aan de voorposten stond te wachten —) te gewennen aan het samenwerken met de anderen, eu aan het kennen der veldteekenen en trompetsignalen; dewijl een ernstige veldslag binnen enkele dagen kan verwacht worden, en men geen ongewende troepen hieraan wagen wil. Natuurlijk zijn zij wel reeds vroeger geoefend. Reeds tijdens den geweldigen Chammoerabi, en zelfs eeuwen vóór hem — in de dagen van Sargon I van Akkad en Naram-Sin, was de krijg een wetenschap, iets dat geleerd worden moet. Een ieder krijgsman weet, dat bovendien bij het theoretische weten de practische oefening niet ontbreken mag. Voor de gewone oefeningen zou in een kamp in oorlogstijd geen plaats zijn; maar wel voor — gelijk heden — een ernstig instudeeren van een naderenden veldslag.

Een schitterend schouwspel! Vooral nu; na de nieuwe

1) 1 Kronieken 5 : 18, Jesaja 2 ' 4; 2 Kronieken 26 ' 13.

Sluiten