Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

7n. naalden, „ ,

8°. wondhaken (scherpe of stompe) (ng. 122a oi o.)

Hiermede kan men dus altijd beginnen; voor de volgende operaties moeten echter daarenboven nog gereed gelegd worden

a. b. o.

Fig. 121. Pincetten. Fig. 122. Wondhaken

а. Chirurgisch pincet. «■ Schei pe vy°"dhaak.

б. Anatomisch pincet. '■ Stompe wondhaak.

de volgende instrumenten:

352 Amputaties en resecties nrs. l°-9n.

9°. een amputatiemes (dat zich slechts door zijne lengte van een gewoon mes onderscheidt), en voor amputaties van ondeibeen of benedenarm nog daarenboven een tweesnijdend mes ).

10°. een raspatorium of elevatorium **) (om het omhullende beenvlies van het been af te stroopen) (fig. 123).

11°. een lap linnen of gaas voor de helft in tweeën ot in drieën geknipt naar gelang er een of twee beenderen dooi gezaagd

*1 Veel chirurgen gebruiken geen verschillende messen voor verschillende operaties meer, althans niet verschillend wat den vorm van het lemmet aangaat. Duljbelsnijdende messen geraken langzamerhand geheel uit het gebruik.

••) Eigenlijk namen voor twee eenigszins verschillende instrumenten.

Sluiten