Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

staan, zijn zij bij het Neanderdal-Spy-Krapina-ras betrekkelijk ver uit elkander gerukt, een verschijnsel dat met de sterkere ontwikkeling der groote hersenen samenhangt.

aaibij is het tusschen de oogen liggend oedeelte de neuswortel, sterk verdiept; bij de^petffs teSSZ

"34* Onderkaak van den chimnane^ mof «. i • ,

loopende kin en krachtig nntwiiui ïPi r , sterk schuin naar achteren

ariïd.li'i™, "S'SrtntokS o,° ,ir"™S2

—. «tZZ.'zgssïz wsa&srs=

den tegeinvoordigen mensch kennen.

Usajdf;it°deegkrof virMaU^aud'bii MmrSCh tWeeden tusschen'

der Pyreneeën Het horizontale Hf 1 ï Montseron, aan de noordelijke helling -

spraakvermogen van zijn drager.

^ 'S* Onderkaak van den mcnsph uit rl#»n i — . ■ _, ,,

vonden in de grot van La Naulette ir» \ i ,en usscken ijstijd, Se_

rarijs. De kin wijkt hier niet meer terug

vooruit; het gebit is nog krachtig.

39* Onderkaak van den tecenwoordirrpn po.;;, ker vooruitstekende kin en met zwakkere kiezen dm Ui 1,? e° rï* imet n°S Ster" (Mie afbeeldhigen op "«***

vlak. Van de neus zelf is ons slechts weinig bewaard gebleven; toch kunnen wij er uit besluiten, dat deze bil die menschen kort, plat en breed was, en dat de onderste rand van het beenige neustusschenschot niet, zooals bij den tegenwoordigen mensch, scherp en spits, doch zooals bij

7*

Sluiten