Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

beigte is de ontblooting het grootst en naarmate het land vlakker wordt, vermindert zij natuurlijk. Wanneer wij nu voor een landoppervlak, met zeer afwisselende gesteenteformatie, aannemen, dat, 0111 het één meter te verlagen, 2000 jaar noodig zijn — dit bedrag is zeker ver beneden de werkelijkheid, daar een zoogenaamde denudatiemeter met een veel grooter tijdperk, volgens Prof. Penck met minstens 3000 jaar, overeenkomt — dan vinden wij, dat de bodem van Midden-Zwitserland, waar de onderzoekingen op dit gebied het meest te vertrouwen zijn, van het begin van den eersten ijstijd tot den tegenwoordigen tijd door verweering en wegvoering, door denudatie, minstens 550 M. lager is geworden. Volgens onze berekening zou dit bedrag overeenkomen met een tijdperk van 1,100.000 jaar, volgens Penck zelfs van 1,650.000

J . it begin van den ijstijd tot op heden

verloopen moet zijn.

Hoe Albrecht Penck tot dit groote denudatiebedrag van 550 INI. gekomen is, zet hij in zijn vroeger genoemd werk „Die Alpen im Eiszeitalter" nader uiteen. De zeer nauwkeurige geologische onderzoekingen aan het meer van Ziirich hebben nl geleerd, dat het hoogteverschil tusschen oen dalbodem uit den tweeden of middelsten tusschenijstijd en de bodemoppervlakte van den daaraan voorafgaanden ijstijd aan genoemd meer 300 M. bedraagt, welk verschil het bedrag der uitschuring leert kennen gedurende deze tijdruimte. \ an het einde van dezen tusschenijstijd, gedurende welken de Neanderdalmensch, de drager der zoo bescheiden Chelléo-Moustériencultuur leefde, 'tot aan den hedendaagschen tijd, is de oppervlakte van het land door denudatie nog 250 M. lager geworden, want het laagste punt van het meer van Zürich, dat een door <daciale uitschuring gevormde kom vormt, nl. het einde is van het door den Linthgletscher ingesneden dal, ligt tegenwoordig 250 AI. beneden den dalbodem, die gedurende den tweeden tusschenijstijd ontstaan was. Wanneer men beide getallen samentelt, verkrijgt men een getal van 550 denudatiemeters voor den tijd, die sedert het becrin van den ijstijd tot op heden verloopen is.

Sluiten