Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zandstormen uit de woestijn Gobi in Mongolië de noordelijke provinciën van China met ontzettende loessmassas overdekt hebben, moeten toenmaals geweldige stofstormen over Midden-Europa gewoed hebben. Volgens Prof. Albrecht Penck moeten wij ons de loess der tusschenijstijden of interglaciale perioden op deze wijze ontstaan denken: dat van kalkterreinen, die door krachtige, doch periodiek uitdrogende en weêr aanzwellende waterstroomen doorsneden werden, fijne kalkfragmenten, vermoedelijk het kalkhoudende slib gedurende den hoogwaterstand, op uitgestrekte grassteppen, prairiën, neervielen en er door de grassen werden vastgehouden, wier wortelbuisjes wij nog met de schelpen van kleine landslakken, die eertijds de steppe bewoonden, in de loess vinden ingesloten,

Zulk een uitgestrekte steppe kan zich niet dadelijk na den terugtocht der gletschers ontwikkeld hebben, doch alvorens zij het ijsvrij geworden land in bezit nam, moeten achtereenvolgens een arctisch-alpine vegetatie, zooals dooide toendra vertegenwoordigd wordt, en daarna het bosch met zijn overeenkomstige dierenwereld zijn binnengedrongen. Dezelfde afwisseling van het plantenkleed en daardoor ook van het dierenleven moet bij het langzaam naderen van een nieuwe vergletschering, doch in omgekeerde volgorde, hebben plaats gehad. Daardoor verklaart het zich, dat, waar het klimaat en de algemeene levensvoorwaarden voor de planten en dieren in den loop van een tusschenijstijd veranderden, wij ook in de vormingen van een zelfde interglaciale periode de overblijfselen van planten en dieren vinden ingesloten, die deels in een gematigd of zelfs warm, deels in een kouder, ja zelfs in een arctisch klimaat thuis behooren.

In het midden van den laatsten tusschenijstijd waren zelfs de hoogste gebergten in den zomer vrij van sneeuw en gedijde tot in de hoogste alpendalen een weelderige boschvegetatie, die een rijk dierenleven mogelijk maakte. Talrijke hertensoorten, die door den beer en den wolf ijverig vervolgd werden, vonden er rijkelijk voedsel, terwijl verschillende kleinere dieren aan den vos en den marter ten prooi vielen. Naast den reusachtigen holenbeer,

Sluiten