Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

de menschelijke nederzettingen besluipt, om onder aanhoudend gehuil aas en allerlei voedselafval op te zoeken. Volgens een algemeen verbreid geloof bij den mensch op lagen ontwikkelingstrap, neemt deze lijkenverslinder met het vleesch ook de ziel van den doode in zich op en daarom werd hij tot een fetischdier, dat den mensch van het grootste nut kon zijn, als hij het goed behandelde.

In een bepaald gedeelte van het oude Egypte werd de jakhals, als de god Anubis, voor heilig gehouden en dientengevolge werden jonge exemplaren, die men had gevangen, ver¬

zorgd. Zoo moest langzamerhand uit dit dier onwillekeurig een huisdier worden.

Het geblaf der op voedsel azende wilde honden, die de nederzettingen der prehistorische menschen opzochten of de sporen van den jager hongerig volgden, waarschuwde dezen voor de nabijheid van een ander roofdier. Het nachtelijk gehuil, dat zij schijnbaar zonder reden lieten hooren, kondigde hem het bezoek van de geesten der afgestorvenen aan, die de mensch zelf niet kon zien, doch aan wier bestaan hij onwrikbaar geloofde en die de honden, als bezield bedachte wezens, moesten zien.

Deze huiveringwekkende, doch zeer belangrijke hoedanigheid, om in het

nachtelijk duister alle mogelijke kwaadwillige geesten te kunnen opsporen, was zeker wel de eerste nuttige eigenschap, die de hond voor den' mensch had. Aldus werd hij voor hem langzamerhand niet slechts eene welkome metgezel, doch bovendien een kameraad, die zich meer en meer onmisbaar maakte en die hem, zooals geen ander dier, allerlei voortreffelijke diensten bewijzen kon.

Deze groote waardeering, die men den hond schonk, wordt reeds omstreeks 1000 jaar vóór Chr. door het oud-perzische wetboek uitgesproken, dat van dit dier zegt: door zijn verstand bestaat de wereld.

Fig. 129. Priem, door cle neolithische paalbewoners van Zwitserland gebruikt om dierenhuiden te doorboren ; daartoe werd het pijpbeen van een als huisdier gehouden geit op een groven kwartszandsteen geslepen. (4/9 der natuurlijke grootte).

Sluiten