Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

t Is mijn bedoeling niet den schrijver voetstap voor voetstap te volgen; ik zou ieder willen raden dit rijk gedocumenteerde boekje zelf ter hand te nemen. Ik wil^slechts zijn gedachtengang volgen, hier grepen doen, elders kritiek uitoefenen en de conclusies wat uitvoeriger behandelen.

Onder al de tabellen, welke hij schenkt, trof mij geen zoozeer als die, welke voorkomt op blz. 76:

Op 1000 levendgeborenen Op 1000 inwoners stierven

I ijJvak. stierven gemiddeld gemiddeld per jaar zonder de

per jaar „1 't le levensjaar. levenloop aangegevencn.

45—49 ! 190 } ,84° 49 181 2^69 f i84° 49 26.43

55-59 j 206 } i85°-59 195 | 22fb°} 1850-59 25.59

60—64 1 191 1 Z. .

65—69 203 } l86°—69 '97 ; 25^30} 1860 °9 25.04

75-79 197 1 i87°—79 202 | ^} ,870-79 24.56

85—89 174 } 1880 89 .82 | 201°} ,88o—89 21.39

5=8 .60 | «go-,, I8.74

Op de volgende bladzijde zegt de schrijver:

»Op het eerste gezicht zien deze tabellen er noeal bemoedigend uit Inderdaad is de algemeene sterfte dan ook beduidend afgenomen. Ook met de kindersterfte is zulks het geval, ofschoon in veel geringere mate. Een eenvoudige berekening uit die tabellen (26.43 : 18.74 = 181 : xï immers leert ons, dat indien de afname dier sterfte in het eerste levensjaar gelijken tred had gehouden met de afname der algemeene sterfte, de eerste over de jaren 1890/99 gemiddeld zou moeten bedragen ruim 128 per duizend levendgeborenen per jaar. In werkelijkheid bedraagt zij bijna 160 /00 waaruit dus blijkt') dat in de laatste 60 jaren der vorige eeuw de sterfte in het ie levensjaar met eens tn die mate is afgenomen als de alge-

1) Waar in citaten cursief gedrukt is. is dit. zonder nadere vermelding, door den oorspronkel ijken schrijver gedaan.

Sluiten