Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Welke beteekenis moet men in al die gevallen hechten aan het quotiënt?

Ten eerste: van een deeling als 14 M. : 3 M. wijst het quotiënt aan hoevaak de deeler van liet deeltal kan worden afgetrokken (g 32). Neemt men den deeler zooveel maal als het quotiënt aanwijst, dan krijgt men het deeltal.

Ten tweede: van een deeling als 14 M. : f wijst het quotiënt aan van welke hoeveelheid % genomen moet worden om 14 M. te krijgen.

I11 beide gevallen is dus het quotiënt het getal, waarmee de deeler vermenigvuldigd moet worden om het deeltal tot product te krijgen. Dat kan van alle deeling en gezegd worden, van verdeeiingsdeelingen zoowel als van verhoudingsdeelingen. van deelingen, waarvan de deeler een gebroken getal is zoowel als van die, waarvan de deeler een geheel getal is. Deelen is een bewerking, die ons een getal leert vinden, waarmee de deeler vermenigvuldigd moet worden, om het deeltal op te leveren.

Een deeling kan men aanduiden door 2 punten, maar ook door een streep. In § 79 werd er reeds op gewezen, dat lf een deeling kan aanduiden, het 7e deel van 12 n.1., precies hetzelfde dus als 12 : 7. Wanneer gewone breuken door elkaar gedeeld moeten worden, en men duidt dit aan door een streep, dan krijgt men in dien vorm 2 of 3 strepen, waarvan de streep, die de deeling aangeeft, iets langer moet zijn dan de andere.

Dit is wenschelijk voor de duidelijkheid. In dezen vorm

dus : j. moet de middelste streep de langste zijn. Ter onder(>

scheiding kan men de andere strepen ook schuin schrijven.

En thans : hoe deelt men door een breuk r Eenige voorbeelden zullen het aanwijzen.

Hoeveel is ? Letten we er op, dat T,'4, met het quotiënt ver¬

menigvuldigd, :4' moet opleveren, dan is het quotiënt 24 X 4 i immers

(24 X !) X ii = & X 24 X f = !•

Zoo is het quotiënt van | ook --4 = |, want

r_' + v V — .7 V 2 * V 5 = •r'

\ 1 A s / A 2 4 — 24 A 7 Ah «•

Sluiten