Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

bevoolen hebben de waarheyd van die zaken t' onderzoeken, zoo van die zyner Keurvorstelijke Regeeringe als die van Onse Universiteyt-Oommissarissen der beyder Religien, gelyk als hunne publique Actens, mitsgaders de protocollen van al de lieden der voorseyde Universiteyt, die Wy geboden hebben Ons, verzamelt zynde, vertoont te worden, dat openbaarlijk en overvloedig getuygen: En dat vervolgens ongeregtelyk gehandelt word, en gehandelt is met de meerinaels gemelde Paters tot nog toe, indien zy op dit of een ander voorwendsel van deeze of geene staten of andere wie het zy, gedwongen worden in 't toekomende eenige vervolgingen of verdrukkingen t' onderstaan: Van de welken Wy vertrouwen dat men voortaan zig zal onthouden: Zoo hoopen Wy ook dat alles dat tot nog toe tegens die niets sulks verdiend hebbende) uyt valsrhe en vercierde uvtstrooisels gestelt is, zal herroepen worden en door bekwaame geneesmiddelen verbeetert. t' Oirconde deses hebben Wy hunlieden dees Brieven met Ons eigen Hand onderteekent, en met Ons Keurvorstelijke Zeegel daar op gedrukt.

Tot Manheym den 22 November 1720.

Carel Philippus Keurvorst van de Paltz.

(L. S.)

Ad mandatum serenissimi Elector: Propri:

Hallberg

Uyt de Keurvorstelyke Hof Akademise drukkerye."

Deze duidelijke verklaring *) schijnt gunstig gewerkt te hebben. Want in het najaar van 1720 vind ik den herderballing wederom in 't midden zijner schapen teruggekeerd, en intusschen had pater Albertus van Balen, uit de evenzeer gesloten Zaaierskerk, de zielzorg der Krijtbergers gedragen. Op de naamlijst der R. K. geestelijken, ten jare 1721 door

1) Het stuk is ook te vinden in de Europische Mercurius 1721 blz. 43, in eene meer vloeiende maar minder nauwkeurige vertolking uit het Lat\jn.

GESCHIEDENIS V. D. „KRIJTBERG.'' 7

Sluiten