Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Bij den acuten dikdarmcatarrh: ol. ricini tot er flinke ontlasting van faeces is gekomen; wijken de verschijnselen dan nog niet dan zijn tannalbin, tann. chinine, irrigatie van den dikdarm of stijfsellavementen op hun plaats.

Bij de secundaire stoornissen dient aan het grondlijden de aandacht gewijd. In de meeste gevallen is dat, naar mijne ervaring, eene acute ziekte der ademhalingsorganen (vooral coryza en bronchitis), welke men dan liefst door uitwendige middelen bestrijde.

II. De acute dyspeptische ziekten dor kunstmatig gevoeden.

Aetiologie en pat hogen ie. Herhaaldelijk komt het voor. dat een zuigeling, die onder een bepaalde voedingswijze langen tijd zonder eenige stoornis gedijt, geheel plotseling en onverwacht verschijnselen vertoont eener acute dyspeptische ziekte. In de meeste gevallen kan dan een der hiervoor (§ 1) genoemde aetiol. momenten worden geconstateerd. In andere gevallen echter gelukt dit niet en dan blijft het vermoeden bestaan, althans bij koemelkvoeding, dat ziekte of verkeerde voeding van het vee tot afwijkingen van de melk hebben gevoerd, die intusschen niet met zekerheid zijn te bepalen.

Wat de pathogenie betreft, zoo moet in sommige gevallen endogene of ectogene infectie, in andere gevallen echter kan gestoord chemisme en mechanisme der digestie als naaste oorzaak worden aangenomen.

Symptomen. De symptomen zoowel als de verschillende klinische vormen zijn dezelfde als bij de borstkinderen. Alleen zij er met nadruk op gewezen, dat de faeces, vooral bij voeding met melk gemengd met plantaardige afkooksels (zie V. Z. 67), hare normale

Sluiten