Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Een enkele maal wordt een tweedeelige maat met een driedeelige tot één samengestelde maat vereenigd. Door die vereeniging ontstaan

de | = (| + J)

en de i = (■} + |) maten,

die echter zeer zelden gebruikt worden.

52. De eerste maat van een muziekstuk is zeer dikwijls onvolledig, doordat de eerste maatdeelen weggelaten zijn. Zij heet dan opmaat of voor maat.

Begint een muziekstuk met een opmaat, dan is ook de laatste maat onvolledig, en bevat die slechts zooveel maatdeelen als aan de eerste maat ontbreken.

53. We komen nu nog even terug op de heele rust. De heele rust heeft nl. niet de waarde van een heele noot, maar ontleent haar waarde aan 't maatteeken, waarbij ze voorkomt. In de J maat heeft zij de waarde van 3 kwarten, in de J maat van 6 achtsten, in de J maat van 4 kwarten, enz. Het liggend blokje onderaan een der balklijnen beteekent dus eigenlijk een heele maat rust.

Voor 2 nu\ten rust gebruikt men een staand blokje tusschen 2 lijnen, en maakt dat voor 4 maten rust tweemaal zoo lang. Door middel van die blokjes kan men elk willekeurig aantal maten rust aangeven; voor een groot aantal vervangt men echter de blokjes eenvoudig door een dikke liggende streep, met een getal er boven.

54. Een noot, die meer dan één maatdeel in beslag neemt (zie 46 en 47: 2« geval), begint gewoonlijk op een sterk of halfsterk maatdeel; b.v.b.:

Sluiten