Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Schrijfwijze:

Uitvoering '■

140. b. Nakomende Versieringen.

1. De Naslag.

De Naslag is de tegenstelling van den voorslag, en wordt evenals deze door kleine noten aangegeven, die nu niet vóór, maar achter de hoofdnoot staan, en daarmee door een boogje verbonden zijn om te verhinderen, dat men ze aanziet als voorslagsnoten bij de volgende hoofdnoot.

De naslag verkort den duur van zijn hoofdtoon, en sluit zich nauw aan bij den volgenden hoofdtoon, die dus juist op tijd begint.

Schrijfwijze:

Uitvoering:

2. De nakomende Dubbelslag.

Als het teeken av niet boven een noot, maar boven de ruimte tusschen 2 opeenvolgende noten staat, dan komt de dubbelslag aan 't eind van den eersten toon, verkort diens waarde en sluit zich nauw bij den volgenden hoofdtoon aan. Is deze hooger of lager dan de eerste hoofdtoon, dan moet de dubbelslag uit 4 tonen bestaan. Wil de componist een dezer 4 tonen chromatisch gewijzigd hebben, dan geeft hij dit aan door een chromatisch teeken boven het teeken van den dubbelslag.

Sluiten