Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ligt. Ik begrijp je niet, al heel lang niet meer, en

toch ik zou zoo graag willen, dat je gelukkig

waart. Lena, waarom ga je?"

„Tante"....

„Nee Lena, ik geloof dat niet, je bent bij je tante niet absoluut noodig, hare vergleegster is goed voor haar en je tante zou ook aan haar op den duur haar huishouden toevertrouwen. Nee, je wilt niet naar je tante, je wilt van hier weg, hier is iets, waaraan je wilt ontkomen."

„O, dominee, ga niet verder," zuchtte Lena.

„Ik heb het dus geraden, het is om mij."

Het klonk zoo bitter, als een verwijt aan zich zelf, dat het Lena pijn deed en hem aanziend sprak ze:

„Nee, niet om u, u waart altijd goed voor mij, u zijt mij geweest een leidsman, een vriend, u heeft veel voor mij gedaan, waarvoor ik u dankbaar ben, mis ...."

„Het is niet noodig Lena, mij goedig te sparen. Denk je, dat ik zelf niet zag, hoe je je terugtrok, hoe je een afkeer van me had, dat je bang voor me was.

Denk je waarlijk, Lena, dat ik niet zie, hoe je me telkens afscheept en me de hulpbehoevendheid van je tante voor oogen houdt, dat ik zou gelooven dat die de reden is van je vertrek, in plaats van het voorwendsel.

Nee, lang voor den brief van je oom, wilde je gaan, maar je kondet de reden niet noemen, tenminste niet tegen mij."

Sluiten