Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

En nou is hij stiggelig, omdat de fabriek al drie weken stop heeft, och en dan weet u het wel, geen werk, geen brood. En nou is Dientje ook ziek, en Dientje is zijn hartelap. Als hij haar alles kon geven, wat hij wou, dan was het niks, maar dat zit er nou achter, ziet u.

Maar u zal het niet kwalijk nemen, hij is wat onverschillig voor de hoogheid, hij moest wat kijken of hij tot een mensch als u spreekt of tot zijns gelijke. Daar doet hij zich op de fabriek ook scha mee. Maar u is er niet boos om?"

„Volstrekt niet. Het spijt me alleen, dat hij zoo ongelukkig is."

Elise groette Dientje, dat schreiend wegdook in bed, toen zag ze angstig om naar Marks, maar hij was er niet. Haastig moffelde ze zijn vrouw een geldstuk in de hand en spoedde zich naar buiten. Ze boog zich, alsof zij schuld had aan de zonde van Marks. Haar pas vergrootend, zooals ze onwillekeurig deed, als een groote émotie haar gemoed in woeling bracht, schreed ze voort met starenden blik. Het was, alsof ze nog altijd Marks in de gloeiende oogen keek. Zij had een kijk gekregen in een hart, waar het zachtteere, de liefde voor vrouw en kind, was verhard tot bitteren opstand tegen al wat boven hem stond, opstand ook tegen God. En toch, ze voelde voor Hein Marks met de volle warmte van haar impulsief karakter. Hij had deernis maar ook bewondering gewekt. Ze begreep die verbittering, die komen moet, waar geen steun van Boven wordt

Sluiten