Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Goeil gewend en verpleegd, gaat hij ook licht tot broeden over; de haan zelfs toont dan zooveel zin voor huiselijkheid en familieleven, dat hij dikwijls zijn broedend w.jfje een poosje aflost, zonder nog te spreken van zijn trouwe bewaking van het nest en den ijver, waarmee hij een deel van de taak der hen, om de jongen te verzorgen, overneemt.

Do Zilverfazant onderscheidt zich van de andere fazanthoenders door een lange, uit losgeplaatste veeren bestaam e, hangende pluim op den kop en een wigvormig verlengden, bij wijze van een dak dubbelgevouwen staart, weks middelste veeren niet zijwaarts naar buiten gebogen en slechts in .reringe mate naar onderen gekromd zijn. De lange en dikke vederbos aan den achterkop is glanzig zwart, de nek en liet voorste deel van den bovenhals zijn wit; de gehee e overige bovenzijde is wit met smalle, zwarte zigzaglijnen, die van de eene zijde naar de andere zich uitstrekken; de zwarte onderzijde heeft een metaalachtig blauwe weerschijn; de slagpennen zijn wit met s.nallen, zwarten zoom en met onderling evenwijdige, breede, zwarte dwarsstrepen geteekeml; de staartvederen hebben op witten grond een soortlelijke versiering, die des te duidelijker i>, naai mate pennen verder buitenwaarts gelegen zijn; de onbevederde wangen zijn fraai karmijn rood. Het oog is lichtbruin, e snavel blauwachtig wit, de voet lakrood of koraalrood. De totale lengte is 100 cM., de staartlengte 67 cM.

De hen is aanmerkelijk kleiner; de roestbruine grondkleur van haar vederenkleed is zeer fijn grijs gesprenkeld; de kin en de wang zijn witachtig grijs, de benedenborst en de buik witachtig, met roestbruine vlekken en zwarte dwarsstrepen.

De Zilverfazant beweegt zich minder goed dan de Bosclifazant; hij vliegt niet anders dan in geval van nood, legt

Sluiten