Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

<le hen bij het voeder, kortom, maakt haar op allerhande manieren het hof. De hen is klaarblijkelijk van die attentie wel gediend, zij beproeft ook haar staart op te zetten en laat een aangenaam klinkend: „Kè—cho-o liooren.

De hen begint meest in het laatst van Mei te leggen. De legtijd duurt tot Juni. Zij maakt onder een boschje ot op een hoop ruigte een zeer slordig nest en legt daarin 1 tot 8 eieren. „In den regel," zegt Denning, „is het aantal eieren 8; laat men niet broeden, dan wel meer. Eens heeft een mijner hennen in één zomer in drie tijdvakken 2-5 eieren gelegd, wat algemeen als een hooge uitzondering werd beschouwd. In een anderen zomer was een pauwin ziek; later bleek, dat zij een verzworen ei bij zich had. Toen zij dat kwijt was geraakt, heeft zij later in Augustus nog één ei gelegd." Dit zijn echter uitzonderingen; regel is,"dat de hen 8 eieren legt. Deze hebben een volume van twee tlinke kipeieren en een vuilwitte kleur. „ t Is, drukt de Heer Denning zich uit, ,.alsof ze in de asch gelegen

hebben."

De pauwin legt gewoonlijk om den anderen dag en wel, wat zeer zeker als een bijzonderheid mag vermeld worden, steeds tegen den avond. Gedurende de meer dan vijftien jaren, dat de lieer Denning pauwen hield, was het hem nog niet gebeurd, dat hij 's morgens een ei kreeg.

De hen bedekt haar eieren met ruigte, stroo of hooi en verschilt dus ook hierin van onze hoenders.

De hen is een goede broedster en na 30 dagen sluipen de lieve, bevallige jonge kuikens naar buiten. "NA ordt zij echter gestoord, dan vliegt zij op haar oude slaapplaatsen laat de eieren in den steek of laat de schreeuwende kleinen van koude omkomen. Wordt zij niet gehinderd, dan toont zij zich een zorgvuldige moeder.

Sluiten