Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

westelijke gebergten van het Balkanschiereiland, die hetzelfde karakter bezitten. In het NO. stooten de Alpen met het Wee11 er woud tegen den Donau. De spoorweg over den Semnienngpas (880 M.) brengt de zoo belangrijke verbinding tot stand tusschen den Donau (Weenen) en de Adriatische zee ( 1 lest). De Oost-Alpen zijn rijk aan zout (Salzburger Alpen) en bevatten ook ertsen.

In den mond van vele Alpendalen, vooral in de CentraalAlpen, langs den noordvoet ook in de Oost-Alpen, liggen schoone meren. Welke?

Naar de hoogte onderscheidt men de Alpen in Voor- (600 1800 M.), Middel- (1800 2700 M.) en Hoog-Alpen. De Voor-, Mid- Voor-Alpen, meer in den noord- dan in den

delAlDeli00g'TfCSt Steilere" ZUidrand der A,Pen S^n, zijn njk aan wouden en weiden en hebben in de dalen en op de hellingen bouwland; ze zijn het geheele jaar door bewoond; er l.ggen steden en dorpen. De Middel-Alpen boven de boomgrens gelegen, zijn met groote weiden bedekt' die alleen des zomers door herders met hunne kudden worden bezocht. De onbewoonde Hoog-Alpen, boven de sneeuwgrens uitstekende, hebben woeste vormen en zijn grootendeels met sneeuw en ijs bedekt, de voorraadschuren van de watermassa die langs de Po, de Rhóne, den Rijn en langs bijrivieren van den Donau naar zee stroomt.

§ 16. De Noordelijke of Duitsche middelgebergten

sluiten met de Zwitsersch-Zwabisch-Beiersche hoogvlakte bij de Alpen aan. Is de Zwitsersche hoogvlakte over t geheel een vruchtbaar heuvelland, de Zwabisch-Beiersche is minder door de natuur bevoorrecht. Langs den noordrand der Zwabisch-Beiersche hoogvlakte stroomt de Donau, langs welks linkeroever de Zwabische Jura, die eindelijk als Frankische Jura naar het N. ombuigt. Op den westrand der Zwitsersche hoogvlakte verheft zich de Zwitsersche Jura, met vele evenwijdige ketenen. I11 het W. zien wij aan weerszijden van de Bovenrijnsche laagvlakte in Vogezen Haardt en Zwartewoud Odenwoud de hooge randen van een paar bekkenvornnge hoogvlakten: die van Lotharingen en de

Sluiten