Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

DE DONAU BIJ WEENEN. (Zie nevenstaande plaat).

De Donau stroomt achtereenvolgens door bekkenvormige vlakten: het Tullner bekken, het Weener bekken, dat zich verbreedt tot het Marchveld, de Kleine en de Groote Hongaarsche vlakte. Aan het benedeneinde worden deze vlakten telkens begrensd door gebergten, die ter wederzijde van de rivier elkander naderen en de rivier als door eene poort een' uitweg verschaffen. Bij eene van deze vernauwingen brengt ons de plaat. Benalen Krems betreedt de Donau het Tullner bekken, dat naar het N. door de voortzetting van het Manhartsgebergte, naar het Z. door de voorketenen van het Weener Woud wordt begrensd. Nadat de bergen als 't ware zich van de rivier hebben verwijderd, naderen ze haar weer: ten N. van Weenen reikt de voet van den Kahlenberg (440 M.) in het Weener Woud, aan de overzijde die van den Bisamberg (360 M.) tot aan de rivier. Door deze poort betreedt de Donau het Weener bekken.

De plaat veronderstelt den beschouwer op den boschrijken Kahlenberg. Een opengehakt gedeelte geeft een vrij uitzicht naar het N. Vóór hem ligt eene vlakte, die naar links door den Heuberg (ook een deel van het Weener Woud) wordt afgesloten, het stadje Klosterneuburg. Midden door het tafereel stroomt de Donau met zijne vele meest met bosch begroeide Auen, riviereilandjes, waar tusschendoor de stroonigeul der rivier zich nog al eens verlegt of beter gezegd: verlegde; want de rivier is hier 1111 genormaliseerd, en tusschen stevige dijken door, die op de plaat nog niet voorkomen, wordt de verkeersader hier nu geleid. Aan de overzijde der rivier ligt in eene alluviale vlakte het stadje Kornettburg, ten NW. van den Bisamberg, die met wijnstokken begroeid is. Aan den voet van dezen berg ligt een dorp, Lang Enzersdorf; daar vóór, eer zij op de plaat achter de boomen van den Kahlenberg verdwijnt, brengt de rivier vele molens in beweging. Achter de boomen rechts verbreedt zich het Donaudal weer tot eene vlakte: het Weener bekken, het slagveld van Aspem en Wagram, waar tegenover op den rechteroever van den 1111 gekanaliseerden stroom zich de keizerstad Weenen uitstrekt. Maar dit ligt reeds buiten het kader der plaat. Op den achtergrond sluiten, op den linker Donauoever, de Leiserbergen den horizon af. Korneuburg, ten N. van den Bisamberg, ligt alzoo in het benedenste deel van het Tullner bekken, Klosterneuburg, aan den oostvoet van de uitloopers van het Weener Woud, ligt nog in de poort, even boven het bovenste gedeelte van het Weener bekken.

Sluiten