Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

den bodem en zijne producten, aan samenwerking van de directeuren der plantages, als oorzaken van den toestand van verwaarloozing, waarin zich onze kolonie Suriname bevindt. En voor Nederland mogen wij daarbij stellig nog voegen: gebrek aan kennis van en aan belangstelling in dat rijke maar door ons zoozeer veronachtzaamde land. Eerst in de laatste jaren geeft het uitzenden van expedities hoop op een beteren toestand. Het invoercijfer wies tot in den jongsten tijd sneller dan het uitvoercijfer. In 1848 toch beliep de invoer 1.2, de uitvoer 3.5, in 1890 de invoer 5.4, de uitvoer 4.3, in 1900 de invoer bijna ().2, de uitvoer ruim 5.5 tnill. gulden. De plantages, die meest suiker en cacao verbouwen en binnen het bereik der getijden langs de rivieren liggen, ingesloten door dijken, worden sedert de afschaffing der slavernij in 1863, bewerkt door Chineesche en Voorindische koelies, Negers en in den laatsten tijd ook door Javaansche immigranten. De teelt van koffie (Liberiakoffie) neemt belangrijk toe; de uitvoer van koffie zoowel als van cacao en suiker heeft meest plaats naar de V. St. Zoowel Fransch en Britsch als Nederlandsch Guyana leveren goud. Nederlandsch Guyana voerde in 1895 954, in 1896 846, in 1900 S73 KG. goud uit. De inheemsche bevolking bestaat uit Indianen, Negers en Boschnegers; verder zijn er vele kleurlingen. Van de 70200 inwoners, die onder maatschappelijk verband staan, zijn 800 Europeanen ei], vele kleurlingen, misschien 10000 immigranten uit Britsch-lndië en ruim 600 uit Java. Negers (buiten de Boschnegers) zijn er misschien 36 000. Het aantal Boschnegers (afstammelingen van uit de plantages gevluchte Negers) en Indianen, buiten maatschappelijk verband staande, is onbekend. De wetgevende macht berust bij een' Gouverneur en de Koloniale Staten, waarvan g leden door de stemgerechtigde Burgers worden gekozen en 4 door den Gouverneur benoemd. De Gouverneur wordt door de Koningin benoemd; hij heeft naast zich een' Raad van Bestuur, bestaande uit den Procureur Generaal en nog drie andere door de Koningin benoemde leden. Hoofdplaats is Paramaribo (31000 i.), voor zeeschepen bereikbaar en op eene schelp- en zandlaag aan de Surinamerivier gebouwd.

Sluiten