Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Aequatoriale strooming wisselt met de richting der moesons. De Aequatoriale stroom op het zuidelijk halfrond splitst zich ter weerszijden van Madagaskar, en beide stroomen, de Agulhas- en de Maskarenenstroom, buigen onder den 4osicn graad ZB. oostwaarts 0111, 0111 samen te vallen met de Westenwind Drift, die ten Z. van de continenten het zuidelijk halfrond omstroomt en op drie plaatsen, 11I. langs tic westkusten der vastlanden, als Benguela-, Westaustralische en Peruaansche stroom, den drie oceanen water toezendt.

Men onderscheidt warme en koude stroomen. Die, welke uit de tropische gewesten komen, zijn warm; die welke als compensatie-stroomen tegen het naar de poolzeeën uitstroomende warme water de koude gewesten verlaten, zijn koud. De langs de westzijden der continenten terugkeerende stroomen (zie Schema!) zijn op hoogere breedten afgekoeld; toch kan hunne lagere temperatuur niet alleen daaraan worden toegeschreven, maar moet in niet geringe mate in rekening worden gebracht de verkoelende invloed van hier uit de diepte opstijgend kouder water. Deze opstijging langs de westkusten wordt veroorzaakt door het te kort, ontstaan door het zich westwaarts bewegen van de aequatoriale stroomen, dat slechts voor een deel door de terugkeerende stroomen wordt aangevuld. De koude en koele stroomen oefenen een duidelijk waarneembaren invloed uit op de luchttemperatuur, zooals b.v. langs de westkust van Zuid-Amerika en Zuid-Afrika en langs de oostkust

van Noord-Amerika.

§ 56. Locale zeestroomen. Verschil in soortelijk gewicht van het zeewater kan bij niet zelfstandige zeeën, die langs smalle wegen met den oceaan in gemeenschap staan, oorzaak van stroomingen zijn. Zoo treffen we in de Sont, den Grooten en den Kleinen Belt eene bovenstrooming aan van lichter, minder zout water uit de Oostzee (waar bij geringe verdamping de toevoer van zoetwater langs waterrijke rivieren en van vele meren zeer groot is) naar buiten, terwijl een zwakkere stroom van zouter water beneden naar binnen stroomt. Bij de Middellandsche zee met hare sterke verdamping en haren betrekkelijk geringen toevoer van zoetwater, vinden wij liet omgekeerde:

Sluiten