Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Wij mogen ook Maurits Sabbe niet vergeten, een gevoelig en smaakvol verteller in zijn „Aan 't Minnewater" en in zijn jongste werk, een pareltje: „Een Mei van / roomheid".

Na vermelding van Emm. l>e Bom, schrijver van „Wrakken"; Dirk de Vos, met zijne „Marjoline"; Jan van Hasselt, met zijne schetsen „Uit de Demeryouw"; Lode Baekelmans met zijn ,Marieken eau Nijmegen , „De Waard uit De Bloeiende Eylantier" en „De Doolaar en de Weidse/ie Stad', zullen wij ook de schrijvers van het opkomend geslacht aanstippen: Reimond Janssens; Leo ,1. Kryn; Lodewijk en Herman de Sc hutter, en er op wijzen dat de tooneelletterkunde insgelijks een bloeitijdperk schijnt in te treden met: „Gunlauy en Helya" van de Meyere, „Star/cadd" van Hegenscheidt, en de sobere, aangrijpende en diep-menschelijke drama s van Lodewijk Scheltjens, waarna wij dit overzicht van ons letterkundig leven gedurende

Sluiten