Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

in een lade gesloten, maar violieren beschenen en gedrenkt door een liefde als de uwe, zijn oneindig welriekender. Thijm leggen wij tusschen onze kleeren maar violieren dragen wij op het hart, tot het geurt as ... o ik zie haar op dien toon terugschrijven, een ruiker maken van haar woorden en ze samen strikken met een lint, om zich aangenaam te maken bij een dichteres — bah... J

En dan volgt de uitnoodiging voor de kerk, de gestoorde, droeve, bange droom ten laatste uitgedroomd de trouwgelofte, zoo aanstonds door een huwelijksmaal bezegeld, de witte handschoenen tot het gebed saameevouwen °m een oogwenk later te worden uitgetrokken bij _ de heidensche toasten, beklonken met een wijn, vuriger dan ooit den goden werd bereid, toen Bacchus nog over den wijnstok regeerde.

Ken postscriptum verlost mij van dit alles: . Gii

ïn I t"161, terU-g te schriJven- Ik ben overwerkt en denk Londen, ja Engeland, te verlaten om, dichter

bij de zon, naar een land te gaan, waar de mensch beter slaapt. Vaarwel dus." — Ik vouw mijn brief dicht, verie,ge he,m en daarmee ben ik van al deze drukte bevrijd, lhans haal ik ruimer adem, ik spring omhoog, als de tak door een schooljongen, die noten zoekt, met een krommen stok naar beneden getrokken. Een oogwenk kan hij ons omlaag houden, maar daarna zwiepen wij terug, tot onze eigen hoogte, in onzen eigen stand, terug naar den blauwen hemel! Hoe kon ik mij zelve ook aldus verongelijken? Wij dichters zijn altijd onrustigvol zelfkwelling; ons hart, de wereldbol gelijk, kan altijd slechts eene zijde tegelijk naar de zon keeren. Wij doopen onze kunstenaarshanden in gal en potasch, om nieuwe kleurschakeeringen tevoorschijn te roepen, tot wij ten laatste in verwarring geraken en niet meer weten hoe moeder natuur oorspronkelijk onze huid heeft getint. Wel... dit hier is de ware, goede vleeschkleur; thans herken ik mijn hand weer. Daar Romney, gij kunt haar drukken als

Sluiten