Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

en bedekt door de breede rugspier.

Daar de aanhechting over het heiligbeen plaats vindt, is de oppervlakte van dit been in twee massa's verdeeld, door een holte gescheiden.

In de vrouw, figuur is het heiligbeen meer aan de oppervlakte gelegen en breeder, ook zijn de spiermassa s breeder en niet zoo \ ooi uitspi ingend. Bij de mann. figuur komt de darmbeenskam iets

meer naar voren.

Aan iedere zijde van het heiligbeen wordt op de nlaats van den achterbovensten darmbeensdoorn

een kuiltje gevormd, aat met het begin van de billijn een gelijkzijdigen driehoek vormt fig. 31 A.

De breede rugspier.

De breede rugspier is driehoekig, ontspringt met een breed peesvlies van de doornuitsteeksels van den Ten tot den 12en borstwervel, van alle lenden- en heiligbeenwervels, van het achterste

gedeelte der buitenlip van den darmbeenskam en van de drie of vier onderste ribben met even

Fig. 30.

Sluiten