Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Van boven gezien (A), vormt de binnenzijde van liet skelet van den voet twee gebogen lijnen van gelijke lengte, de achterste lijn vertegenwoordigt den hiel en den voorvoet, de voorste den grooten teen en zijn middelvoetsbeen. De bal van den grooten teen is op de geledingsplaats van het

middelvoetsbeen en het eerste kootje naar buiten gericht. De buitenzijde van den voet geeft de indeeling juist achter het vijfde middelvoetsbeen.

Van de enkels is de binnenste het hoogst.

P ig. B. en D. stellen het binnen- en buiten aanzicht voor. De meest eenvoudige vormen zijn H. en .}. In het buitenaanzicht (K) zakt de enkel in

Sluiten