Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

deur toe en Anna kon er niet uit. Toen nam zij de pook, die bij de kachel hing, en zij klopte tegen de deur.

O wee, dacht Piet, — daar komt mama, en hij liep hard weg.

Dat hoorde Anna, — en zij deed de deur open; doch mama kwam niet, want die stond beneden de boterhammen te snijden voor het ontbijt.

Anna nam de aangekleede pop mee naar beneden en zei mama „goeden morgen", en mama zag tranen in de oogen van haar kind: „Heb je gehuild, kind?" vraagde mama.

„Ach, die Piet roept maar gedurig, dat mijn lieve pop zaagmeelbeenen heeft".

Toen keek mama met een ontevreden gezicht naar Piet: „Ben je nu toch werkelijk een flauwe jongen, Piet?"

„Ja mama, maar zij heeft gezegd, dat ik kikkerbeenen heb!" riep Piet.

Mama keek naar Anna, die stond te lachen. „O", zei mama: „dan ben jelui quite, hoor! Eet nu maar smakelijk de boterham".

Nu, de boterham ging lekker naar binnen. Natuurlijk keken Piet en Anna elkander nog weieens aan, maar zij zeiden niets, want zij hadden den mond vol brood.

Na het ontbijt nam Anna de pop mee naar boven,

Sluiten