Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

getuigen die men in deze streken aantreft. Wij lezen van een oude gewoonte in de streken waartoe U1 v a behoort, die doet denken aan het veelgeprezen Arcadia der Grieken. In het begin van eiken zomer trekken de bewoners met hun kudden de bergen op naar de hooger gelegen bergweiden en slaan daar hun bivak op, totdat zij in de maand Augustus gedwongen zijn weer naar hun dorpen af te dalen. Het leven in de open lucht, het vrije verkeer van het eene gezin met het andere, het omzwerven en ronddartelen der jongelieden, de zang en de vroolijkheid van jong en oud, de. verhalen van sagen en legenden in het avondvuur, dat tot fantaseeren en vertellen uitlokt, het wijst alles op een gezond natuurleven. Zulk een leven moet den jongen David zeer aantrekkelijk zijn voorgekomen, als hij er van hoorde verhalen, want er lag veel in zijn eigen aard dat er mede in overeenstemming was. Wij kunnen ons dan ook indenken hoe de jongen met open mond luisterde en geheel gehoor was, als grootvader verhaalde van die oude en nog veel oudere tijden. Grootvader vertelde gaarne aan zijn kleinkinderen en aan allen, die er naar luisteren wilden, en zijn voorraad van legenden en geschiedenissen was onuitputtelijk. Het zal hem ook wel niet aan den noodigen humor — een kenmerkende eigenschap van den Schot — ontbroken hebben, evenmin als zijn later beroemde kleinzoon verre van misdeeld er van was. Wat laatstgenoemde mededeelt van de bekeering der eilandbewoners tot het Protestantisme, zal óók

Sluiten