Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

schoonvader, Dr. Moffat, was zeer vóór het stichten van een Seminarie voor inlanders en hielp, toen hij later weer eens in Engeland was, een groote som gelds voor dat doel bijeen brengen. Evenals Livingstone was hij er sterk vóór het te vestigen bij Sesjéle, met wien wij thans nader kennis gaan maken, en niet — zooals tegen zijn zin geschiedde — te Koeroeman.

Wij zagen Livingstone met zijn vrouw uit M a b o t s a vertrekken. Het doel hunner reis was Sjonoeane in de landstreek der Bakoeënen, waar de reeds meermalen genoemde Sesjéle zijn hoofdverblijf hield. Wat het finantieele betreft, was deze uittocht naar Sjonoeane voor hen een heele onderneming. De zendeling had aan zijn directeuren voor den bouw van een nieuwe woning 30 Pond of /'360.— aangevraagd, doch het ontbrak niet aan hem kwalijk gezinden die op deze betrekkelijk geringe som nog wilden beknibbelen. De Livingstone's hadden het dan ook niet breed in die dagen en moesten b.v. in plaats van koffie een wansmakelijk aftreksel van inlandsch koren drinken zoolang de voorraad strekte, en toen die op was, ander uit Koeroeman laten komen.

„Ik kan — zegt Livingstone in een brief — vrij goed verdragen wat andere Europeanen als honger en dorst zouden beschouwen, zonder dat het mij veel hindert. Doch toen wij eens te Koeroeman kwamen en ik de oude vrouwen, die mijn vrouw twee jaar te voren hadden zien vertrekken, voor hunne deuren gezeten hoorde uitroepen : „Bewaar me! Wat is ze mager! Heeft hij haar honger laten lijden? Was er geen eten in het land waar zij geweest is ?" — was dit méér dan ik verdragen kon."

Sluiten