Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

walg van het menschenbloed, dat hier geheel nutteloos en noodeloos vergoten werd. De moeilijkheden en ontmoedigingen werden thans weder zóó groot dat het hem soms was, alsof God hem be lach te om al zijn moeite en al zijn werk. Kanoe's om de rivier over te steken, kon hij niet krijgen; hiervan waren zijn eigen mannen de oorzaak, daar zij allerlei praatjes rondstrooiden, om hem maar te beletten verder te gaan. Weken en maanden wacht hij op gunstiger omstandigheden, doch te vergeefs! Hij moet dus noodwendig van plan veranderen. Het best is, de Arabische slaven te vervangen. Hij biedt een Arabier 400 Pond aan, met al zijn goederen die hij nog te Oejiji had, als deze hem ander volk verschaft, zoodat hij de Lomamerivier zal kunnen opgaan naar K a t a n g a, en dan terugkeeren naar het Tanganj ik a-meer en Oejiji. Doch deze handelaar bleek hem zulk een gemeene en lage kerel te zijn, dat hij niets meer met hem uitstaande wilde hebben. Op een prachtigen zomermorgen opende deze schavuit met een troep andere Arabieren op een 1500-tal mannen, vrouwen en kinderen, die op de markt waren in een dorp aan de oevers van den Loealaba, een scherp geweervuur en richtte voor de oogen van den reiziger een waar bloedbad onder hen aan, terwijl honderden hunner in de rivier sprongen en verdronken, daar zij óf niet konden zwemmen, óf door de schoten getroffen werden, óf wel beide. Het gaf Livingstone den indruk alsof hij zich — naar hij zegt — in de hel bevond. Wij kunnen over dit voorval hier niet uitvoeriger uitweiden, maar ontzettend

Sluiten