Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

kwamen in grooten getale op, om, terwijl dc stemming in Engeland zoo oorlogszuchtig was als ooit, te getuigen voor het vredesbeginsel. In Edinburg werden toen avond aan avond voor stampvolle zalen denkbeelden verkondigd , die Andrew Carnegie later erkende als den grondslag zijner stichting van een vredespaleis te 'sGravenhage.

Maar de oorlogszuchtige stemming der natie was niet te keeren. Na den Krim-oorlog was het de oorlog met China om dat land te dwingen zijne havens open te stellen voor den opium-handel, dien Mrs. Mac Laren met machtelooze verontwaardiging moest aanzien. In haren broeder ondervond zij toen ook, wat het zeggen wil de publieke opinie te trotseeren. John Bright.eens de gevierde apostel van het beginsel van vrijen handel, werd een tijd lang vrij wel een politieke pariah, schrijft Mac Gilchrist in zijne schets van het leven van dezen staatsman. Zijn getuigen vóór den vrede en tegen den voorgenomen oorlog kostte hem zijn zetel in het Parlement. Maar Engeland kon hem toch niet lang ontberen. In 1857 was John Bright reeds weder lid van het Parlement en onder het eerste ministerie Gladstone werd hij minister van handel. Vijftien jaren lang had ook Lord Mac Laren toen zitting voor Edinburg. Mrs. Mac Laren placht later van dien tijd te spreken als van den tijd, toen „wij zitting hadden in het Parlement." De artikelen, die zij destijds schreef voor het te Edinburg verschijnend blad The Scotch man trokken algemeen

Sluiten