Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

door een vriendenkring, trok van af 1839 de heer . u mg 1 's-Gravenhage zich de zaak aan. Na een driejarigen ar ei ge ui * e het hein, het Nederlandsch Onderwijzers-Genootschapden 11 Jan. 184te zijnen huize tot stand te brengen. Aanvankelijk ondervond de ieuo'dio'e vereeniging weinig ondersteuning van de regeenng, oin ,i deze haar streven, vooral in betrekking tot de steeds meer ontwakende begeerte naar/ws^/c/Christelijk onderwijs, verdacht. De koninklijke goedkeuring volgde dan ook eerst den 14 Maart 1844. Van dat jaar af was het Hoofdbestuur een tijdlang te Groningen gevest.*, cn daar werden de belangen van het Genootschap volijverig bevorderd door de schoolopzieners Van Swinderen en Hofstede de Groot.

HOOFDSTUK XX.

De Ned. Herv. Kerkeraad te 's-Gravenhage en de „zeven Haagsche wijzen." — Koning Willem II.

Een eerste gevolg van het Besluit vau 2 Jan. 1842 was eene sterk toegenomen wensch onder de geloovige Protestanten in ons land naar Diakoniescholen, naar Christelijke scholen, waarde Bijbel ongein ndeul kon worden gebruikt, waar de Nederlandsche volksgeest weer kon worden versterkt door het onbelemmerd onderwijs in onze zoo schoone vaderlandsche historie. Als een bewijs daarvan kan dienen eene circulaire van 1 Jan. 1843 van den Kerkeraad van s-Gravenhage aan de gemeente, waarin ondersteuning verzocht werd voor de oprichting eener »,armenschool" met plaats voor 700 kinderen. In de circulaire werd gezegd: «Het raakt het belang van onze armenkindereu, hooger dan hunne stoffelijke welvaart, de toerusting van hunnen geest, de vorming van li.in hart, hunne toebereiding voor de maatschappij der aarde, hunne opkweeking voor het burgerschap van den Heinel." Zij was onderteekend namens den Kerkeraad door C L v d. Broek (Pres.), T. C. R. Hnydecoper (Scriba) en eindigde met de woorden: «Het moeilijke der onderneming verbergen wijons niet Onzer is de taal, die door Christenmoed wordt uitgesproken, en die heldenkracht verwekt; die bij elke grootsche en heilspellende aangelegenheid, uit den mond van den wakkeren brave der gewijde G. O.

Sluiten