Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Den Men Jan. 1842 begon de heer Gehne zijn nieuw onderwijs met een vrij aanzienlijk getal kinderen, waarvan de meesten slechts een gering schoolgeld betaalden. I)e directie had van den heer Zalm ten geschenke ontvangen diens uitmuntende Biblisehe Historiën. Van (Jehne gebruikte dit werk aanvankelijk in het Duitsch bij zijn Hij— belsch onderwijs. Later werd het door de edele zorg van Mr. Groen van Prinsterer en Dr. Beets vertaald en in dien vorm gebracht,, waarin het thans nog zoo veelvuldig nut doet.

In Aug. 1842 ontving de heer Gehne eene aanstelling van landswege in Oost-Indië, om welke hij vroeger reeds gevraagd had. Hij meende er niet voor te moeten bedanken en zoo scheen het in eensr dat de geheele onderneming mislukken zou. Hierbij kwam nog, dat de Luthersche Kerkeraad het besluit nam, zijn Diaconieschool op te heffen en dus aan den Gehne geen opvolger te geven. Men was alzoo genoodzaakt, rechtstreeks de vergunning tot oprichting eener bijzondere school le klasse te Nijmegen, onder den naam van Vervolgschool der Christelijke Bewaarschool, te verzoeken. In Sept. 1842 werd dan ook met dat doel een verzoekschrift bij H.H. Burgemeester en Wethouders van Nijmegen ingediend. In de maand Oct. zou de lieer Gehne vertrekken en opdat de school kon voortgezet worden» totdat men antwoord op het verzoekschrift had ontvangen, benoemde «le Luth. Kerkeraad eenen hulponderwijzer, om tot 1 Jan. 1843 de school Avaar te nemen. In het begin van Dec. werd evenwel van hooger hand verboden, aan andere kinderen in die school onderwijs te geven, dan die van de bedeelden der Luth. Diaconie. Daardoor moesten 60 leerlingen worden verwijderd, terwijl er slechts 20 blijven konden. Gelukkig had men vóór dien tijd reeds een huis op den Klokkenberg te Nijmegen gekocht. Mevrouw Engelen, geb. Straalman, gaf een aanzienlijk deel der koopsom en de rest werd door eenige vrienden bijeengebracht. Men bezat thans dus een lokaal, om de 60 kinderen op te nemen. Ook een hoofdonderwijzer was spoedig gevonden. De heer Buvink, onderwijzer eener bijzondere school 2e klasse te Nijmegen, was bereid, zich aan het hoofd der pas opgerichte school te plaatsen, te meer daar zijne eigene inrichting door concurrentie was achteruitgegaan. Hij was oud, en jongere onderwijzers waren aan 't hoofd van andere scholen gekomen. Daar zijne leerlingen hem naar de nieuwe school volgden, bedroeg het getal leerlingen bij de opening, 6 Mei 1844, reeds 116. Den 8den Mei

Sluiten