Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

.Minister van Binnenlandsclie Zaken richtten zij zich bij missive van 14 Juni 1853 tot den Koning. Hun werd geantwoord, dat, vermits plaatselijke en gemeentelijke besturen in zulke gevallen niet tot een gunstige beschikking konden gedivongeti worden, van regeeringswege niets ten gunste van adressanten kon worden beslist. Dezen zonden daarom in 1854 een adres aan de Tweede Kamer, waar zij in Mr. Groen v. Prinsterer een wakker en bekwaam pleitbezorger vonden.

HOOFDSTUK XXVI.

De Bijbel geweerd en onderwijzers ontslagen. — Dr.

N. Beets. — J. A. Wormser. — Groen.

Ging de zaak van het Christelijk onderwijs flink vooruit, zulks was allerminst ten gevolge van de gunstige gezindheid der regeering. Vooral de Xed. Herv. Kerk was bij machte, de uitbreiding van het vrije onderwijs te bevorderen, «daar zij", zooals Ds. Heldring in Oct. 1848 op de vergadering der Christelijke Vrienden opmerkte, «immers ten platten lande door vereeniging der kosters- en voorzangers betrekking met het onderwijzersambt veel tot stichting van Protestantsche scholen, onafhankelijk van den Staat, vermag." Op enkele plaatsen begon die Kerk dan ook hare roeping te begrijpen, maar ook op andere plaatsen, wij zagen het te Goes, meenden hare voorgangers het een verdienstelijk werk te zijn, het Christelijk onderwijs tegen te werken.

Den 1 Juli 1852 hield het Nijmeegtch Schoolblad op te bestaan. Zonder eenig verband met deze staking, en dus zonder het doel om het orgaan van V. d. Brugghen te vervangen, verscheen nog op denzelfden dag het Xederlandseh Schoolblad, dat weldra Groens blad de Nederlander (1850—1855) trouw ter zijde stond in den strijd voor positief Christelijk onderwijs. Het Xederlandseh Schoolblad, hoewel met talent geschreven, werd stelselmatig tegengewerkt, zoodat het zich slechts in beperkten kring mocht bewegen en eindelijk, in Juli 1853, de uitgave wegens gebrek aan belangstelling moest worden gestaakt.

Hoe het intnsschen met het godsdienstig gehalte van het openbaar onderwijs stond, bleek te Zaandam. Eene onderwijzeres was aldaar begonnen, de kinderen bij den aanvang der les een half uur uit den Bijbel te laten lezen. Zij meende dat te mogen doen, omdat in

Sluiten