Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

eeue in werkelijkheid vernietigende critiek op pastoor Brouwei oratie uit.

Op de jaarvergadering van Chr. Nationaal op 1 Hei 1869teUtreci gehouden kwam het tusschen Groen c. s. en de Ethisch-Ireniscl vrienden, De la Saussaye en Beets, tot een breuke over het wooi Christelijk in art. 23 der schoolwet, welke breuke hein zeer pijnli aandeed. In de Nederlandsche Gedachten, die hij den 18 Atig. 18( weer was begonnen uit te geven (de reeks werd voortgezet toe ' April 1876), werd door hem de kwestie uitvoerig behandeld.

In het jaar 1853 kwam tot Groen de bekende Amerikaansche g schiedschrijver John Lothrop Motley met een aanbevelend schrijvt van den Amerikaanschen gezant. Motley wilde het leven van Joha van Oldenbarneveldt beschrijven en wenschte door Groen voorgelicl en aan materiaal geholpen te worden. In 1874 verscheen het wei van den Amerikaanschen historicus onder den titel Het leven en < dood van Johan van Oldenbarneveldt. Hierin beoordeelde Motley prii Maurits zeer partijdig en legde dezen ten laste, dat hij »1" op < souvereiniteit dezer landen belust was; 2° bij dien toeleg in Barn veld zijn hinderpaal vindend; 3" deswege met hartstochtelijken hai tegen dien staatsman bezield was; 4" zonder eigen overtuiging ( Gereformeerde beweging heeft aangegrepen; om 5° zijn tegenstand den voet te lichten en niet te rusten eer hij 6° onschadelijk was gi maakt door een gerechtelijken moord." Tegen deze beschuldigingc kwam Groen op in zijn in 1875 uitgegeven Maurire et Barnevela (Etude historique). Een 53-tal brieven uit het Archief van Oranj waarin Manrits zijn hart uitstortte, aan Groens verdedigingsgeschri toegevoegd, handhaafde meer dan iets anders op schitterende wijs de eere van prins Maurits. Evenals de Archives was ook deze penm vrucht van Groen in het Fransch geschreven, omdat de kwestiën, ( in behandeld, niet alleen voor Nederland, maar voor geheel Euroj. van belang waren. Het was voor Groen een onaangename plich tegeu den voortreffelijken schrijver der Opkomst van de Republiek dt Nederlanden, met wien hij na 1853 steeds op vriendschappelijke voet had geleefd, op het laatst van zijn leven over zulk een gewicl tige zaak polemiek te moeten voeren.

Van 23 Sept. 1875 tot 21) April 1870 schreef Groen het laatst deel, bestaande uit slechts 7 nummers, zijner Ned. Gedachten. H noemde dit deeltje zelf zijn C'hristelijk-historiech Testament. »T

Sluiten