Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

bond, dat zich, op zijn advies, onverwijlde wijziging van art. 194 der grondwet ten doel gesteld had. Toen na het overlijden van Neêrlands grootsten Christen-staatsman besloten was tot het stichten van een Groen v. Prinstererfonds, was het den waardigen en ijverigen man niet te veel, persoonlijk daarvoor te gaan collecteeren. Ook de Unie leed in hem een groot verlies, daar hij als haar penningmeester veel voor haar deed. Wie maar iets van zijn ongeëvenaarden ijver voor de school met den Hijbei had ervaren, kwam tot de overtuiging, dat Jacob Voorhoeve H.C.zn. als penningmeester van de Unie de rechte man op de rechte plaats was. In X". 2714 van de Standaard werd van hem gezegd :

«Weer is een dier oude strijders gevallen, die uit het geslacht, waartoe zij behoorden, eene beslistheid hadden meegebracht, die ons, jongeren, vaak vreemd blijft. Een man van doortastenden zin, van kloeken ijver voor de zaak des Hoeren, die in zijDe onvermoeidheid nooit moeheid heeft gekend. Voorhoeve was een man van het «onverwijld." Wat moest, moest dadelijl;. Van lang voorbereiden was hij wars. Zoo werd zijn plotseling afsterven symbool van wat zijn leven kenmerkte."

Jacob Voorhoeve H.Cz. was den 17 Dec. 1811 geboren. Op ongeveer GO-jarigen leeftijd verliet hij de Ned. Herv. Kerk, »oin zich aan te sluiten bij die Christenen, welke gewoonlijk — hoewel ten onrechte — Darbisten genoemd worden". Toen de Vrije Universiteit werd geopend, gaf hij aan die stichting 1000 gld., evenwel met bijvoeging op de lijst «hoewel niet gereformeerd". Terecht getuigde de heer Lemkes bij zijn graf van hem : »Hij was een voorstander van het vrije Christelijk onderwijs, die, had hij slechts tien mannen aan zijn zijde gehad, met gelijken ijver bezield als hij, gansch Nederland, tot in zijn afgelegenste gemeente, met Christelijke scholen zon overdekt hebben." Hen avond vóór zijn overlijden zat Voorhoeve nog laat te schrijven. Zich om elf uur ter ruste leggende, ontwaakte hij hier beneden niet meer. Hen volgenden morgen nog even voor G uur ontsliep hij en ging in, in de vreugde zijns Heeren.

Door dat het getal Chr. scholen nog steeds vermeerderde, begon er langzamerhand groote behoefte te ontstaan aan Christelijke onderwijzers. De bestaande kweekscholen, normaallessen en particuliere onderwijzers konden in deze behoefte slechts voor een gedeelte voorzien. Overtuigd van het wenschelijke, dat ook in Friesland eene Christelijke normaalschool gevestigd werd, stelde het Hoofdbestuur der

Sluiten