Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

neering van onderwijzers en de verzorging van hunne weduwen en weezen benoemde de Schoolraad eene commissie van 5 leden, die zich met de bestaande vereenigingen Johannes en Barnabas in betrekking moest stellen en het daarheen moest trachten te leiden, dat eene vaste regeling voor deze aangelegenheid tot stand zou komen.

Voor de handhaving en verbetering der rechtspositie van de scholen benoemde de Schoolraad eene commissie van 4 leden, bestaande uit het Moderamen en een rechtskundig adviseur, die de schoolbesturen moest dienen van algemeene regelen voor de beste wijze om zich bij de Overheid aan te melden, met name in zake de rijksbijdrage; zij moest advies geven bij gerezen moeilijkheden; de hoofdbesturen wijzen op hetgeen hunnerzijds bij de Overheid te doen is en trachten bij de regeering eene meer vrije regeling der examens te verkrijgen.

Op den 1 Januarij 1891 waren 222 scholen bij den Schoolraad aangesloten en op 1 Juli 1892 reeds 253.

Door de nieuwe wet was een einde gemaakt aan het monopolie van de neutrale volksschool, waartegen sedert 1857 zoo heftige strijd in ons land gevoerd is. Indien de wet eerlijk werd uitgevoerd, mocht men het er voor houden, dat de schoolstrijd oi> politiek terrein een groot deel van zijne belangrijkheid had verloren.

HOOFDSTUK LXXIV.

Het wetsontwerp-Mackay door Chr. onderwijzers beoordeeld. — De zegepraal der liberalen.

Op de algem. verg. der Vereen, v. Chr. onderwijzers, den 11 en 12 Juni 1889 te Haarlem gehouden, werd eene Commissie benoemd van acht leden, n.1. de heeren J. Nobels, R. Ilusen, C. V. v. Noppen, P. J. Kloppers, J. D. de Visser Smits, J. Smelik Sr. en J. Jansen, ten einde in de namiddagvergadering rapport uit te brengen van hetgeen zij naar aanleiding van verschillende artikelen van het ontwerp-Mackay der vergadering ter overweging had aan te bieden.

De Commissie kweet zich van haar taak en sprak in haar rapport hare hartelijke ingenomenheid uit met en hare groote waardeering van het beginsel van staatsrechterlijke gelijkheid van de openbare en bijzondere school, en zij aanvaardde die dus gaarne,

Sluiten