Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

dit zinnebeeld gegeven, die den priester de macht heeft gegeven de gewijde prostitutie te exploiteeren bij volken, wier onontwikkelde geest onbekwaam was het wijsgeerig denkbeeld te onderscheiden, dat zich onder een stoffelijk beeld verborg.

De vrouwen, die altijd een sterken smaak gehad hebben voor amuletten en dergelijke voorwerpen, droegen halssnoeren, waaraan een zeker aantal cylinders aan een dubbel ijzerdraad geregen waren. Onder de cylinders van het Cabinet van de medailles der nationale Bibliotheek zullen wij n°. 934 vermelden. Hij stelt twee naar Egyptische wijze gekleede personen voor, ieder een schepter vasthoudende, naast elke zijde van het beeld Hom met Mir er bovenop geplaatst. Men ziet daarachter drie symbolen: den vogel met het menschenhoofd (de ziel volgens de Egyptenaren), de Ctéis en den alruin wortel.

Een kegel, n. 1056, vertoont een gebaarden god Egyptisch gekleed, ook een schepter in de hand houdende en voor een verlengd aan het vuur gewijd altaar der Magiërs gezeten. Op het veld, de aardbol op een halve maan en de Ctéis.

Men ziet in dezelfde verzameling veel andere kegels, waarop een halve maan en twee aardbollen met Mir en Ctéis gegraveerd zijn of wel Ouoti, het oog, als zinnebeeld van het leven en de werkzaamheid, soms een halve maan op de Hom door een kroon omringd of een vrouw met verschillende symbolen en de slang Urceus. Men ziet ook ontuchtige tooneelen, zooals op den steen n°. 1104. Eindelijk twee cylinders (n°. 175 en 176), een Egyptische Venus met koehoorns voorstellende, dat de gelijkheid vaststelt tusschen Isis en de Assyrische Venus, dikwijls in den vorm van een koe, die een kalf zoogt, voorgesteld. De gelijkheid is treffend, zooals men ziet.

Sluiten