Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

gebergten, doordat kalk in het koolzuurhoudend regenwater sterk oplosbaar is. Die oplosbaarheid wisselt plaatselijk naarmate het gesteente harder of zachter, zuiverder of onzuiverder is, en daardoor vertoonen kalkgebergten veelal zeer grillige vormen, spitsen zoowel als logge klompen, en dikwijls ook trechtervormige gaten (dolinen), in scherpe kammen (karren) gedeelde vlakten, naar alle zijden gesloten dalen (poljes) en periodieke meren. Bovendien dringt het water langs spleten in den bodem en holt daar de zachtere deelen uit tot diepe schachten en ruime grotten. Al deze verschijnselen samen noemt men naar het Oostenrijksche Karstgebergte karstverschijnselen. Ze ontstaan door bovengrondsche en ondergrondsche erosie samen.

De verweering heeft groote beteekenis voor den mensch. Verweeringsbodems zijn vruchtbare terreinen, behalve wanneer ze uit zuiver zand bestaan.

De werking van het stroomende water en die der gletsjers komen later ter sprake. De werking van den wind treedt op den voorgrond, waar zelden regen valt of waar een gemakkelijk waterdoorlatende, plantenlooze bodem den wind, ook na een regenbui, reeds spoedig weer vrij spel laat met de korreltjes aan de oppervlakte. Het laatste zien we bij onze duinen en zandstuivingen, het eerste in de woestijnen en woestij nsteppen van de bijna regenlooze streken der Aarde, waarin zich ook groote duinterreinen en platgewaaide zandvlakten bevinden, en waar het fijnste stof, de kleideeltjes, ver wordt opgejaagd; daaruit ontstond wellicht de löss, in de vochtiger randgebieden der woestijnen, waar het stof liggen blijft.

§ 22. Werking van het zeewater. Deze bepaalt zich rechtstreeks tot de kuststrook, gelegen tusschen de eb- en vloedlijn, tevens het terrein der branding. Indirect strekt de branding op steile kusten hare werking verder uit, daar zij de rotsen ondermijnt en op den duur hooger gelegen deeTen omlaag doet storten. Zoo dringt de zee op een steile kust met sterke branding landwaarts in, tot het hellende vlak (brandingsterras), dat zij geschapen

Sluiten