Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

langwerpig-lancetvormig, getand-gezaagd. Bloemkroon grooter,

roodachtig-wit. WorteistoK met lange dovenaai loopers. Overigens als de vorige soort. 0,30-0,90. 4. Juni, Juli. Op plaatsen als de vorige, waarschijnlijk slechts een variëteit van deze (V. sambucifolia Mikj. _ Vliervaleriaan. V. excelsa rOir.

3 Wortelbladen langwerpig tot elliptisch, onderste stengeiDia-

den liervormig ingesneden, de bovenste meest 7-tallig vin-iiig.1346. deeli" (fig 1345). Plant tweehuizig. Bloemen wit of rose, de mannelijke het grootst. 0,15-0,30. 4. April, Mei. In duinpannen en op moerassieen veen- en zandgrond. Vrij algemeen.

Kleine valeriaan. V. dioica L.

Wnrtolbladen langwerpig-lancetvormig, in den steel versmald, aan den voet soms wat ingesnedendé middelste stengelbladen 8-4-parig liervorinig-vmdedig Bloemen tw«S«gaeBioemen wit. 1,00-2%. Mei, Juni. Sierplant u,t M.-Europa

Groote valeriaan. V. 1'hu L.

3. Valerianélla Tm. Veldsla. uiKleine kruiden met herhaald gaffelvormig gedeelden stengel, tegen¬

overstaande spatel- ot lancetvormige bladen en kleine, witte of blauwachtige bloemen in dicht opeengehoopte beschermen . • • • - 1

1 Kelkzoom aan de vrucht onduidelijk,

nauwelijks getand. Bijschermen dicht ineengedrongen .... 2 Kelkzoom aan de vrucht duidelijk getand • • . 3

2 Bovenste bladen lancetvormig, iets

spits, gaafrandig, de onderste spatelvormig, stomp (fig- 1347). Vrucht zijdelings samengedrukt, ovaal-afgerond (fig. 1348). 0,07-

Fig. 1848. Fig. 1349. Fig. 1347. Valerianella olitoria.

a vrucht: a vrucht; a bloemhoopje; bbloem; c opengelegde

b dwars-door- '« dwars-door- bloemkroon; rf stamper; e vruclit, b(t

snede. snede. f dwars doorgesneden; g zaad.

0 22 QQ en Q. April, Mei en Juli, Augs. Op bouwland,

44*

Sluiten