Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Bladen dubbel-vindeelig met laucotvormige, vaak ingesneden gezaagdo slippen, de onderste gesteeld, de bovenste met oortjes vormenden voet halfstengelomvattend. Stelen der hoofdjes weinig verdikt. Straalbloemen geel. zolden wit of ontbrekend. 0,30-0,60. ©. Juli—Herfst. Sierplant uit Z.-Europa, vaak met gevulde bloemen, ook verwilderd. (Veenklooster, Vogelenzang».

Gekroonde ganzeb'.oom. f C. coronarium L.

44. ï'va L.

1 Hoofdjes klein, tot trossen en deze tot pluimen vereenigd. Straalbloemen •>, zonder bloemkroon. Schyfblopmen groen. Bladen dik, ruw-behaard, gezaagd. de bovenste langwerpig-Iancetvormig, de onderste b(jna driehoekig-eirond. Bloemen groenachtiggeel. 1,20-2,40. O- Augs.—Octr. Uit Xoord-Atnerika. Vlissingen, Apeldoorn, Amsterdam. Aangevoerd Iva. I. xanthiifólia Nmt.

45. Dorónicum Trn.

1 Wortelstok met onderaardsche, verlengde uitloopers (fig. 1413).

vvorteistanaige olaaen ianggesteeia, diep hartvormig-eirond, de middelste met geoorden voet zittend, de bovenste hartvormig-stengelomvattend. Bloembodem behaard. Bloemkroon goudgeel. 0,30-0,90. 1).. Juni. In bosschen. Vrij zeldzaam. Misschien oorspronkelijk verwilderd.

Voorjaarszonnebloem.

D. Pardalianches L.

Wortelstok zondor uitloopers. Onderste bladen gesteeld, diep hartvormig, de bovenste zittend met afgoknotten of ronden voet. Hoofdjes talrijk, geel. 1,00-1,30. 2J.. Mei. Sierplant uit Perziö.

t D. macrophy'llam Fisch.

46. A'rnica L.

1 Stengel niet of weinig vertakt, met

l-(3) hoofdjes (fig. 1414). Bladen

tegenoverstaand, zittend , de wor~ 1 ] i ) ,

Fig. 14)3. Doronicum Pardalianches. Stengelstandige langwerpig tot lan* n omwindsel: h bloemhoofdje; c straaleetvormiif. Hoofdjes groot. Bloe- bloe,n • de buis van deze ver-

r, n.in * c t • groot en opengelegd; e schi|fbloem:

men oranje. 0,22-0,45. 2J.. Juni, / vruchtbodem: g vruchtje der schyfJuli. Op hooge, veenachtige hei- bloem, li der randbloem.

develden. Vrij algemeen. [Volverlei. Val kruid. A. montana L.

47. Senécio Trn. K r u i s k r u i d.

Kruiden niet verspreide bladen, rolrond of klokvormig, i rjjigomwind-

Sluiten