Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ondubbelzinnig te kennen en eenmaal werd hij zelfs bij 't verlaten der rechtzaal door de bajonet van een der „vrijkoorders" licht in de zijde gewond. Maar hij won zijn pleidooi. De schepenen gingen op den eisch van Gevers niet in; den 2gsten April 1786, dus ruim een halfjaar na 't stellen van dien eisch, werden de twee vrouwen vrijgesproken. Nog juist bijtijds, want een week later had Rotterdam een nieuw stel schepenen, dat er geheel anders, namelijk zuiver Patriottisch, uitzag.

Daar kon Gevers evenwel niet weer aanleggen en hij appelleerde voor 't Hof in den Haag.

Over 't verdere beloop spreekt ons handschrift niet (behalve dan over de reeds vermelde begroeting van Mijnheer van Gennep vanuit de tralievensters der Gevangenpoort). Wij zullen er ook kort over zijn : Kaat en de Oranjemeid zijn naar den Haag gevoerd en daar voor 't Hof nogmaals ter verantwoording geroepen. Maar niettegenstaande de onvermoeide pogingen harer beschuldigers is het ook daar niet tot een veroordeeling gekomen, — dank zij vooral weer de groote moeite, die Bilderdijk aan hare verdediging besteedde.

De komst der Pruisen in 1787 bracht eindelijk den Prins in den Haag terug, en bevrijdde Kaat Mossel met Clasina uit de Gevangenpoort; ze werden, gelijk we reeds zeiden, „schadeloos gesteld" op niet te royale wijze en keerden naar Rotterdam terug in hare oude betrekkingen.

De „Oranjemeid" gaat dan (voor ons gezicht ten

Sluiten