Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

weergekeerd; ze hadden de pen helpen halen door alle besluiten, sedert vijf maanden genomen: „nul, illegaal en informeel". — Gijsbert Karei van Hogendorp had er ook weldra zijn intrede gedaan; nog juist op den oudejaarsdag van het gedenkwaardige jaar 1787 was hij benoemd tot het ambt, dat hij zoo vurig begeerd had. Den 4<len Februari 1788, bij 't bedanken van Mr. Herman Nederburgh, was hij zelfs eenig pensionaris van Rotterdam geworden, was hij getreden in de betrekking, waaraan Oldenbarneveldt en Hugo de Groot eenmaal luister gegeven hadden. Van Hogendorp is de laatste der Rotterdamsche pensionarissen geweest en niet de minste. Evenals Oldenbarneveldt was hij voorbestemd, om later in Den Haag nog een gansch andere rol te spelen.

Rotterdam heeft eer gehad van zijne pensionarissen, veel meer b.v. dan Amsterdam.

In 't Achterklooster had men Kaat Mossel en Clasina Verrijn terug en 't „Oranjebloed" werd er met nieuwen lust bezongen en gevierd. Maar degenen, die min of meer meegedaan hadden met de Elzeviers en de Bogaerts en de Geversen, bleven gaarne uit dien omtrek vandaan.

De Prins zelf kwam in de hier bedoelde jaren nog meer dan eens te Rotterdam, waar hij dan natuurlijk feestelijk ontvangen werd. Maar hij kon toch niet verhinderen, dat een belangrijk deel der bevolking mokkend thuis bleef, want deze Prins heeft de kunst der verzoening niet verstaan: hij gaf wel eene amnes-

Sluiten