Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

tot aan den top van de stekels; kleine dieren worden er vrij snel door gedood; de mensch ondervindt er slechts de genoemde lastige en pijnlijke gevolgen van.

Onze visschers kennen de streken van de venijnige pieterman heel goed en weten het dier zoo aan te pakken, dat het noch met den rugvin, noch met de stekels op de kieuwdeksels hun handen bereiken kan.

Vroeger werd het dier zelden gevischt en weinig geteld, zoo kwamen verwondingen door het pietermanvergif zelden voor; het vleesch heette droog en gronderig. Hoe verschillend de smaken, ook op 't stuk van visch kunnen zijn, blijkt wel uit de twee volgende aanhalingen. In Piscicultura, het blad van de visscherij in Nederland, heet het van den pieterman, „dat zijn vleesch droog en minder smakelijk is en hij tot de minste visschen moet worden gerekend" en in Brehm, het groote Duitsche dierenboek, staat woordelijk: „Het vleesch van den pieterman wordt heel gaarne gegeten, daar het niet alleen hoogst smakelijk is, maar ook voor zeer gezond (geneeskrachtig) doorgaat.

In Frankrijk, vooral in de restaurants, wordt onze pieterman tegenwoordig ook veel gegeten; de wet echter eischt, dat ze alleen aan de markt mogen komen, ontdaan van rug- en kieuwstekels De visch heet daar met een duidelijke zinspeling op zijn vergif: Vive vipère.

Wie aan 't strand eens een pieterman op 't droge vindt, is dus gewaarschuwd.

In Juni is de kans op een prik het grootst, dan komen de fraai getinte pietermannen in groote scholen op onze vlakke zandige kusten om te paaien; zoo heet in de visscherstaal het kuit-schieten. En dan gebeurt het wel, dat er bij ebbe eenige op 't strand achterblijven, het zij op het droge of in

Sluiten