Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

my geen recht geven. Hy wil niet, Majesteit!

,De Koning.

(Maakt een kalmeerende beweging met de hand.)

Je zaak wordt onderzocht door den heer Neumann én door Overste Heucking. Maar... de rechters in Küstrin moeten beslissen, Arnold.

Arnold.

God, Majesteit, Majesteit! By rechters kryg ik geen recht. Die willen my, arme molenaar, tegenover Graaf Von Schmettau en Graaf Von Gersdorf geen recht geven.

De Koning.

Wy staan allen onder de wet. De Koning zoowel als jy, Arnold! De wet geeft de beslissing aan de rechters.

(Tot Neumann.)

Maar denk er om! Recht!

Neumann.

Natuurlyk, Majesteit!

De Koning.

Ja, jy zegt dat zoo maar: „natuurlyk Majesteit!" Maar jy bent een jurist I En dus rust er op jou een zwaar vermoeden, dat jy niet weet wat recht is. Daarom — nu zal ik het je maar zeggen — daarom ook heb je Overste Heucking naast je.

Arnold.

Als de rechters weer beslissen moeten... Och, Majesteit!...

De Koning-

Recht zal je worden gedaan. Als jy gelyk hebt,

Sluiten