Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

te bezoeken, ten einde van alle zaken nauwkeurig op de hoogte te komen.

Op een avond van zulk een reis teruggekeerd, ontvangt hij bericht van Oleh-leh, dat de bewoners van een der eilandjes dichtbij die plaats gelegen, de bevolking verontrusten door strooptochten. Dadelijk zendt hij den boodschapper terug met twee vragen, nl. hoeveel Nederlandsche schepen te Oleh-leh voorhanden zijn, en over hoeveel manschappen men daar kan beschikken. Na ontvangst van het antwoord geeft Van der Heijden schriftelijke bevelen mede en twee uren nadat hij het eerste bericht heeft ontvangen, zijn de troepen te Oleh-leh ingescheept en op weg naar het eilandje. Aan den avond van den volgenden dag keerden zij weder terug en konden melden, dat hun zending geheel en al geslaagd was.

Deze en dergelijke opstandjes, waarvan de Gouverneur-Generaal natuurlijk bericht ontving, toonden aan, hoe goed Van der Heijden in 1877 de zaken had ingezien. Vooral in het voorjaar van 1878 was het in sommige gedeelten van Atjeh zoo oproerig, dat het zwaard niet langer in de scheede kon blijven. Gelukkig voor Van der Heijden begreep Van Lansberge dat zijn verwachtingen niet verwezenlijkt zouden worden, en hoezeer hem dit natuurlijk speet, was hij eerlijk genoeg te erkennen, dat de bevelhebber in Atjeh de zaken goed had ingezien. Deze kon dus

Sluiten