Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

overtuiging leidt; maar indien dit al zoo was, heeft hij dien al lang geheel verlaten, en het moet hem nu een soulaas zijn het plechtig te hebben uitgesproken, dat hij niet verder kan komen dan tot een gemoedelijk, onbestemd en vaag vertrouwen in de toekomst, steunende op een optimistisch begrip van kracht van geweten en intelligentie in den mensch.

„Ce remède, nous le tenons.

„De coöperatie van kapitaal en intellect moet breed hare deuren openzetten voor den arbeid als derde in den bond voor de productie, als derden factor, recht hebbende op al de voordeelen der economische ontwikkeling. „Bij het beginnen van deze rede was het mijn voornemen u aan het slot een beeld voor oogen te stellen van de coöperatie der toekomst, zooals mijn geest dat sedert langen tijd heeft geraden, ongeveer heeft gezien, meer voorgevoeld dan ooit kunnen overzetten in vaste vormen. „De internationale economie, allengs meer tot middelpunten samengetrokken, de arbeid der gansche menschheid meer en meer krachtig, altijd meer voortbrengende met telkens minder inspanning, de producten altijd eenvoudiger en telkens langs korter weg brengende op de plaats van verbruik... Naast de wereld der arbeiders, waar alle intellecten en alle handen de bezigheid zullen vinden geschikt voor hunne bekwaamheid, waar voor ieder plaats is behalve voor den luiaard, naast de voortbrengers de kunsten en wetenschappen, de uitverkoren geesten, bewarende, ontwikkelende in hun ideaal geloof de onvergankelijke bezittingen der menschheid. Overvloed van producten, de nooden en geneuchten van het leven onder de menschen verdeeld door eene rechtmatige belooning van allen maatschappeiijken arbeid, een ieder naar zijne verdienste, maar in eene mate nog voldoende voor hem die het minst vermag, voor den minst begaafde... „Met krachtige hand de groote lijnen van de coöperatie te trekken, u er de apotheose van voor oogen te stellen, u met den vinger te doen aanraken de logische en finale gevolgen van het hooge beginsel — mijneheeren, ik vraag het u, was dat geene taak om den president van uw congres in verzoeking te brengen?

„Ik wilde dat ik haar vervuld had.

„Maar helaas, ik heb het niet vermocht. Ik ben in het pogen bezweken. Trachtende het probleem te peilen dat ik zoo stout was te onderzoeken, heb ik mij meer en meer verpletterd gevoeld door de zwaarte der stof. Eindelijk heb ik de poging opgegeven, vernederd door de beperktheid van mijn geest tegenover de onmetelijkheid van het onderwerp."

Is het wonder? Geen ander probleem stelden zich de utopisten van Thomas Morus tot Bellamy toe, wier min of meer rijke fantazie een beeld wist te scheppen van de verwezenlijkte

Sluiten