Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

heid. Die willen zij niet prijsgeven. Zij meenen dat het niet behoeft, dat hunne vroomheid in andere dingen dat wel goed maakt, dat God het met die kleine zwakheid zoo nauw niet nemen zal. Maar door die onoprechtheid in hun leven wordt de Heilige Geest tegengehouden, hun geestelijk leven verlamt steeds meer. Misschien blijven zij uitwendig bij hunne belijdenis, bij de kerk, bij het Christendom. Zij hebben misschien eene eereplaats onder de arbeiders in het Rijk Gods, maar hunne geestelijke kracht gaat hoe langer zoo meer verloren. Sommigen vallen ten slotte ook uitwendig af; anderen blijven wel, maar hun gelooven, belijden, getuigen, arbeiden wordt een werk van gewoonte of van zelfopwinding, niet van den Heiligen Geest.

Kennen wij niet zulke menschen, in wie de oude mensch wel rechtzinnig is, maar niet alle dagen sterft, en in wie de nieuwe mensch dus ook niet dagelijks geboren wordt, om in gerechtigheid en reinheid voor God te wandelen ?

O, wel mogen wij daarom de vraag met allen ernst ter harte nemen of wij ook voornemens zijn tot in den dood standvastig te blijven, of wij zóó innig aan onzen Heiland ons verbonden voelen dat wij ons durven vasthouden aan zijn woord: Mijne schapen zullen nimmermeer verloren paan en niemand zal ze uit mijne hand rukken (Joh. 10 : 28).

XLIX. Getrouw tot in den dood.

Wees grtroute tot in den dood! Wij worden niet met den dood bedreigd, gelijk de martelaren in de eerste eeuwen der kerk, ten tijde der Hervorming, en hier en daar op het zendingsveld. Maar, als er eens vervolgingen uitbraken tegen het Christendom, zouden wij werkelijk ons leven, onze bezittingen voor de zaak des Heeren

Sluiten