Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

liet de bekoorlijke blos en de zelfvoldaanheid, die de meeste kinderen kenmerken, die door de moeder of door een gezonde min gezoogd worden.

Om een kind kunstmatig te voeden is het in de eerste plaats noodig, dat men is: buitengewoon zindelijk, zeer oplettend, bijzonder nauwgezet en eindeloos geduldig. Het voedsel en alles wat bij het klaarmaken gebruikt wordt, moet volmaakt rein zijn — want in dit geval beteekent elke onzindelijkheid in het toedienen van voedsel niets meer of minder dan dat schadelijke, d.w.z. vergiftige stoffen in de maag van het kind gebracht worden, en dit veroorzaakt op zijn minst misselijkheid of diarrhee. Elk voedsel, onverschillig wat men gekozen heeft, moet op vaste en geregelde tijden en in niet te korte tusschenpoozen worden toegediend. Gedurende de eerste drie maanden voedt men het kind met tusschenpoozen van minstens twee en een half uur, en wel overdag geregeld om de twee en een half tot drie uren, zoodat het tusschen 's morgens vroeg en 's avonds laat ongeveer zes tot acht keer gevoed wordt. Van 's avonds elf tot 's morgens zes uur geeft men het kind niets, of als het schreeuwt alleen een slokje water, opdat moeder en kind zes è zeven uren onafgebroken rust kunnen genieten, wat voor beiden noodzakelijk is. Als men dit drie maanden heeft volgehouden, moet men de

Sluiten