is toegevoegd aan je favorieten.

Langs een omweg

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

van dit eenigszins strenge onderzoek, dat hij mij liet doorstaan. Toen het was afgeloopen — de seconden schenen mij uren toe — was er hartelijkheid met zekeren ernst doormengd in den toon, waarmee hij mij nu reeds dankte voor hetgeen ik voor zijne dochter wilde zjjn.

Nu, daarop kon hij gerust wezen, dat vertrouwen zou niet worden beschaamd.

Wat ik meende te moeten verbergen: mijn naam, mijne omstandigheden, was in het eind het mjjne; maar al wat ik bezat aan gaven van geest en gemoed, al wat ik mij had eigen gemaakt in talenten en ervaring en wat meegedeeld kon worden, zou aan zijne Mathilde gewijd zijn. Dat beloofde ik hem en mij zelve als met een plechtigen eed, in dienzelfden oogenblik waarin hij met een verhelderd gelaat en een opgeruimden glimlach mij de hand drukte, als tot bezegeling van een belofte, die zwijgend werd gegeven en aangenomen.

Nog vóór het déjeuner wilde mjjnheer Ryhove zelf zijne vrouw en dochter hare nieuwe woning rondvoeren, bjjna te vermoeiend een tocht na de reis, want het is een huis als een kasteel; maar zijn tijd was beperkt, en hij gunde dit voorrecht aan geen vreemden bediende. Ik moest mee, al wilde ik uit bescheidenheid achterblijven. Toen wij op de tweede verdieping waren gekomen, opende hij eene deur, die toegang gaf tot verscheidene in elkaar loopende kamers en kabinetjes, en mij aanziende: dit appartement heb ik voor u en Mathilde bestemd, (juffrouw Berthier, met goedvinden altijd van de vrouw des huizes.

De vrouw des huizes vond het goed en knikte welgevallig. Zij was opgetogen over zijne schikking.

Mathilde, het buitenkind, vond het alleen jammer, dat de ramen op straat uitzagen, en dat er zoo goed als geen tuin was.

„Maar den Haag zelf en het mooie bosch zijn van nu aan uw tuin, liefste!" sprak de vader vergoelijkend, en toen zich tot mij wendend, nadat wij de vertrekken hadden rondgewandeld, vroeg hij : „of ik tevreden was met dit verblijf?"

„Ik zou al heel difficile moeten zijn, zoo ik dit niet ware. Ik neem er met dankbaarheid bezit van, maar ik had het met minder kunnen doen."