is toegevoegd aan uw favorieten.

De voeding van het kind in het eerste levensjaar

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

mag w orden gegeven, is alles, wat wij ten deze met zekerheid weten, maar daarmede houdt ook onze wetenschap op.

Na het lezen van het overzicht, dat wij van de verschillende wijzen van toebereiding van de melk en van de zoo talrijke voedingspraeparaten gaven, zal men instemmen met de verzuchting van Epstein : „Die verschiedenen Methoden der künstlichen Ernahrung und der Milchbehandlung sind im Laufe der letzten Jahre ebenso zahlreich geworden als die ihnen zu Grundlage dienenden Widersprüche der theoretischen Anschauungen".

Budin, Yariot en Graanboom willen onverdunde koemelk geven, daarentegen raden Jacobi en Biedert sterke verdunningen aan, terwijl Escherich juist voor geringe verdunning pleit.

Waar Jacobi en Heubner meelafkooksels als verdunningsvloeistof aanbevelen, keuren Monti e. a. die af.

Tal van autoren raden een voedsel met een gering vetgehalte (Keller's moutsoep, karnemelk) aan. Gartner, Backhaus e- a. zien juist een voordeel in het groote vetgehalte hunner praeparaten. Bendix beveelt bij athrepsie het gebruik van vetrijke melk aan, de Jager, Graanboom en tal van anderen daarentegen de weinig vet bevattende karnemelk.

Terwijl Steffen gaarne gebruik maakt van bouillon ter verdunning van de koemelk voor elke periode van den zuigelingsleeftijd, keuren anderen het gebruik daarvan in de eerste 9 levensmaanden af. Ook over het tijdstip, waarop dooier van ei mag worden gegeven, loopen de meeningen zeer uiteen.

Sommigen willen het albuminegehalte van de melk verhoogen, anderen zien daarin geen voordeel en zoo zouden wij deze reeks van controversen nog eenigen tijd kunnen voortzetten. Alles komt ten slotte hierop neer, dat bij de kunstmatige voeding van zuigelingen het eerste en laatste woord niet is aan de theorie, doch aan de praktische ervaring, die ons leert, dat het onmogelijk is, algemeen geldende voorschriften te geven, nog minder, die in toepassing te brengen. Steeds